Column: eeuwige strijd tussen de pensionado’s

Ze worden eufemistisch ‘vrijwilligers’ genoemd, maar in de praktijk is het een gedwongen fusie van gepensioneerde betweters met een grenzeloze hoeveelheid vrije tijd en een chronisch gebrek aan remmingen. De pensionado’s. De onmisbare, niet-te-stoppen olietankers van elke voetbalvereniging die het terrein spic en span houden, mits ze elkaar ten minste niet eerst de hersens inslaan met een stel schroevendraaiers of een steeksleutel.
Het complex is hun heiligdom en hun gereedschapsriem is hun ambtsketen. Maar zodra er een serieuze klus op de agenda staat, bijvoorbeeld het ophangen van een reclamebord, verandert de werkplaats in een oorlogsgebied.
Neem Bert. De voormalig directeur van een middelgroot logistiek bedrijf. Bert heeft in zijn leven miljarden omgedraaid en spreekt daarom in bullet points. Volgens Bert moet het reclamebord op ab-so-luut strakke alfabetische volgorde van de sponsoren worden gemonteerd. Niet omdat dat logisch is, maar omdat Bert dat altijd op zijn werk zo in Excel heeft gezet. Daartegenover staat Co, de oud-timmerman. Co kijkt naar Bert alsof die net heeft voorgesteld om de kantine te bekleden met kippenlevertjes. „Alfabet? Bert, lul niet zo slap man, het is hout en een beetje staal! Je moet kijken of het wel recht hangt, anders lijkt het wel een kermis!”
En dan moet Nico nog beginnen. Nico is de oud-politieagent. Die staat al met zijn hand op zijn heup en een gefronsd voorhoofd te wachten tot iemand een overtreding begaat tegen de Arbo-wetgeving. Volgens Nico staat de ladder namelijk drie centimeter te schuin, hangt het bord niet exact op de wettelijk voorgeschreven ooghoogte en mist hij een vergunning van de gemeente.
Maar het echte vuurwerk begint pas als Grardus, de metaalbewerker, zich ermee bemoeit. Grardus zegt nooit veel, behalve als er een moertje en een boutje in het spel zijn. Met de precisie van een Zwitserse horlogemaker tikt hij Co op de schouder. „Daar mis ik een veerringetje, Co. Als je dat zo aandraait, trilt het moertje er bij de eerste de beste harde poeier van de spits weer af. Amateur.” Waarop Co met een rood hoofd roept dat hij al huizen heeft gebouwd toen Grardus nog uit zijn neus stond te vreten tijdens een rondleiding bij de Hoogovens.
Zo ligt het hele gezelschap vóór elke klus al drie keer met elkaar in de clinch. Het grasmaaien is een geopolitiek conflict waardig. Herman zweert bij horizontale banen op een oneven dag terwijl Cor beweert dat diagonale strepen de grasmat spiritueel in balans brengen. Het kanten steken is bijna een reconstructie van de Slag bij Waterloo. Zelfs de positie van een cornervlag of het aantal liters water dat een zielig bosje struiken nodig heeft om niet spontaan te veranderen in een dorre woestijn, leidt tot een crisisberaad waar ze bij de Verenigde Naties zouden bloeden van jaloersheid.
Ze weten het allemaal beter. Ze denken voor de hele wereld, geven ongevraagd commentaar op de techniek van de ander, en hebben op alles een handleiding die ze hoogstpersoonlijk hebben geschreven. Armen zwaaien in de lucht, mistroostige gezichten of zuchtende pensionado’s zijn schering en inslag.
En toch? Als je op zaterdag of zondag langs de lijn staat en ziet hoe het veld erbij ligt, hoe de kantine blinkt en hoe dat reclamebord er na drie uur oeverloos gekibbel en vier bakken slappe koffie toch superstrak en waterpas bijhangt… dan denk je maar één ding: Gelukkig hebben ze het toch voor elkaar gekregen, zodat de rest van de club rustig achterover kan leunen.
De columns worden mede mogelijk gemaakt door Stucpartner.nl
- Column: eeuwige strijd tussen de pensionado’s

- Column: wees lief voor de materialen

- Column: respect voor de scheidsrechters

De columns zijn geschreven door Gerard Mak voor Voetbal Varia Zaanstreek
Foto: afbeelding gemaakt met AI
